Rubriek in Oegstgeester Kerkblad

Een stem in het duister

Volgens Caputo is de naam van God niet iemands eigen naam. God is geen wezen, maar een roep, een stem in het duister. God 'existeert' niet, bestaat niet, maar God 'insisteert', dringt aan. Het aandringen betekent dat er iets is dat een onvoorwaardelijk beroep op ons doet. Een oproep tot gerechtigheid, gastvrijheid, barmhartigheid en vergeving, om een glas koud water voor de reiziger, zonder aarzelen en altijd zonder waarom.  

Het niet-bestaan van God, betekent niet dat die naam niets betekent. Het is de naam  van een belofte aan de wereld die wij moeten waarmaken.

 

We weten niet wàt ons roept

De religie van de roos wil zich niet zonder meer ontdoen van God, maar op zo'n manier dat er nog steeds iets gaande is:  het woord waarmee we iets aanduiden dat  ons bestaan onrustig maakt. We ervaren dàt we geroepen worden, maar we weten niet wàt ons roept. Natuurlijk komt dan de vraag op, of we het in deze roep wel met God van doen hebben, of veeleer met ons innerlijk, of met een kosmische geest of met ons geweten, of nog met iets anders. Hoe zou ik dat moeten weten, zegt Caputo.            

 

Waarom steeds over God?

God zal nooit weggaan, zegt Caputo, omdat God nu eenmaal deel uitmaakt van de wereld die ik geërfd heb. Mijn hele leven al hoor ik die stemmen in mijn oor fluisteren, vanaf mijn vroegste kindertijd. Ik kan daar niets aan doen. God is de naam van een gebeurtenis die mij en de wereld  heeft overvallen. Dat geldt voor velen van 'ons', voor diegenen die deel uitmaken van de cultuur rond een van de grote monotheïstische godsdiensten. 

 

Biedt religie enige hoop? 

Caputo zegt: Ik ben nog niet zover dat ik het woord religie kan loslaten. Ik probeer een diepere religieuze levenshouding te vinden. Ik waardeer de enorme positieve krachten van de 'gerechtigheid en vredegelovigen', zonder een lange geschiedenis van geweld. Helden die altijd klaar staan voor de behoeftigen van deze aarde. Ik mag dan kritiek hebben op religie, maar ik vergeet nooit die kant van het verhaal, die het levende hart ervan is. Het koninkrijk van God ligt niet in de toekomst, het is hier.

 

Durf te denken, durf te hopen

Caputo spoort ons aan om zelf te denken, maar nog belangrijker vindt hij het dat we blijven hopen. Durven te hopen, hopen op de glimlach op het gezicht van de wereld en die glimlach beantwoorden. Tegen de duisternis in van persoonlijke, sociale, wereldlijke of kosmische dood. Hoop is het aanroepen van iets wat we niet aan kunnen zien komen, het ja-zeggen tegen een toekomst zonder garanties. Hoop op de belofte van de wereld, op een roos die  bloeit omdat ze bloeit, zonder waarom.  

Harm Bosscher

(uit: 'Hopeloos hoopvol', 'Belijdenissen van een